Tegelse politie was diender en rechter ineen

Gepubliceerd op: 15-1-2026

Tegelse politie was diender en rechter ineen: ‘Als lastige klanten bij arrestatie verzet pleegden, knepen we wel eens harder dan was toegestaan’
  
In 2015 sluit het politiebureau van Tegelen zijn deuren. Wegbezuinigd. Sindsdien staat het pand aan de Maasstraat leeg; boeven en door hen benadeelde burgers moeten naar Venlo. Het is de genadeslag voor het ooit zo trotse gemeentekorps.
  
Als de 33-jarige Ludovicus Vercauteren uit Hulst op 28 april 1910 in Tegelen tot veldwachter wordt benoemd, straalt hij in alles gezag uit. Overgehouden aan zijn tijd bij het leger en de Koninklijke Marechaussee. Het is een ware mannetjesputter, die niet schroomt zijn revolver te trekken: in februari 1917 schiet hij uit noodweer een smokkelaar dood.

Het stoppen van sluikhandelaars was in het grensdorp altijd al een belangrijke taak van de arm der wet, maar die heeft er pas echt zijn handen aan vol in de Eerste Wereldoorlog. ‘Binnen korte tijd ontstaan er in het eens zo rijke Duitsland, dat voor de oorlog werd overspoeld met goederen uit binnen- en buitenland, grote voedseltekorten’, schrijft Willem Kurstjens in Tweehonderd jaar Tegelen in vogelvlucht uit 2017. ‘Alles wordt snel duurder en smokkelaars van heinde en verre ruiken hun kans. Er zijn grote winsten te behalen en de pakkans is relatief klein, vooral op plaatsen waar de grens, zoals in Limburg, langgerekt is en door uitgestrekte bosgebieden loopt waarin je je gemakkelijk schuil kunt houden’. De veldwachters hebben het er zo druk mee, dat burgemeester Carel van Basten Batenburg de hulp inroept van de Venlose marechaussee. Na de oorlog assisteert die enkel nog bij speciale gelegenheden; de dienders kunnen het prima alleen af.

In 1929 krijgt de Tegelse ordehandhaving een flinke upgrade, als haar gemeentelijke veldwacht wordt omgevormd in een professioneel opgezet korps gemeentepolitie. De opleiding daarentegen laat, tot de komst van regionale politiescholen in de jaren zestig, nog wel wat te wensen over. ‘Nieuwelingen moesten in hun vrije tijd studeren en zich de politiewetten eigen maken’, noteert Piet Kolster in Van veldwacht tot basispolitiezorg uit 1993. ‘Het uitschrijven van pasklare processen-verbaal was ook niet elke politieman gegeven. Waarschijnlijk is dat de oorzaak dat men dikwijls voor eigen rechter speelde’.

Dit laatste herinnert oud-brigadier Harrie Thissen uit Belfeld – die op 15 maart 1945 in Tegelen begon – zich in 1993 nog goed: ‘Vaak hadden we te maken met lastige klanten die er altijd op uit waren ons te belemmeren in het uitoefenen van onze plicht. Bij burenruzies bijvoorbeeld, of bij vechtpartijen. Als zij dan bij arrestatie verzet pleegden, knepen we wel eens harder dan was toegestaan’. Anderzijds wordt er ook regelmatig met de hand over het hart gestreken. ‘Wij kenden iedereen’, vervolgt Thissen. ‘Als we ’s morgens fietsers betrapten op rijden zonder licht, mochten ze zich de volgende dag met werkende verlichting bij ons melden. Pas als ze dat niet deden, volgde een bekeuring’.

Begin 1994 verliest het korps zijn zelfstandigheid: de scheiding tussen rijks- en gemeentepolitie verdwijnt en het land wordt verdeeld in vijfentwintig autonome regiokorpsen. Die worden in 2013 samengevoegd tot één organisatie met één korpschef. Al die tijd blijft het Tegelse politiebureau gewoon geopend. Tot 2015. Dan gaat zowel de hand als de deur op de knip.

 

Bron: De Limburger

Altijd op de hoogte? Meld u aan voor de wekelijkse nieuwsbrief