Oorlogsheld alsnog beloond

Gepubliceerd op: 19-12-2020

Na tachtig jaar wachten krijgt oorlogsheld Marten Mobach (101) alsnog een onderscheiding opgespeld door zijn dochter
Marten Mobach (101) uit De Bilt ontving vrijdagmiddag, tachtig jaar na dato, het Mobilisatie Oorlogskruis van minister Bijleveld van Defensie. Hij kreeg de onderscheiding voor zijn inzet aan het begin van de Tweede Wereldoorlog.
Wegens corona geen receptie of bijeenkomst, maar voor deze speciale gelegenheid kwam wel minister Bijleveld bij Mobach op bezoek. Onaangekondigd uiteraard, het moest een verrassing zijn.
Foutje
Dat mag je het sowieso noemen als een gewezen militair na tachtig jaar een onderscheiding krijgt. De minister gaf het ruiterlijk toe in haar speech: de militaire raderen draaien niet altijd even soepel. Mogelijk heeft het ook te maken gehad met een administratieve fout. Zo kreeg Mobach ooit een brief van het ministerie gericht aan M.O. Bach.
Eeuweling Mobach, volgens zijn dochter nog vitaal genoeg om regelmatig in de auto te springen en naar zijn tweede huisje in Garderen te rijden, krijgt de onderscheiding voor zijn inzet tijdens de mobilisatie, dus de maanden voor en de dagen vlak na de Duitse inval op 10 mei 1940.
Mobach was op die dag als artillerist gelegerd in de buurt van vliegveld Valkenburg in Katwijk aan Zee. Net als veel andere manschappen slecht getraind en matig bewapend. Hij sloeg zich er doorheen, maar negentien artilleristen kwamen om het leven, onder wie Albert Zijlstra, de buurjongen van geboren Fries Mobach.
Hij was meer dan 35 jaar bij de marechaussee, onder meer als brigadecommandant en hoofd evacuatieteam voor de koninklijke familie. Bijleveld bedankte hem voor zijn durf in de oorlog, maar ook voor zijn moed om op zijn 91ste jaar zijn ervaringen op papier te zetten. ,,Want we kunnen nog steeds heel veel leren over die periode waarin ons vaderland werd bezet.’’
Mobach treedt in september 1940 toe tot de marechaussee, op dat moment onder bevel van de Duitsers. In 1943 komt hij in Westbroek terecht, ter vervanging van de gemeentelijke veldwachter. Het verzet vraagt hem zich bij hen aan te sluiten, waarna hij de informatie die hij als marechaussee krijgt, deelt om voedsel voor de onderduikers en wapens voor de ondergrondse buit te maken. Lastig, schreef hij al eens, dat hij twee petten op had.
Zonder gevaar is dat uiteraard niet. Op eerste kerstdag 1944 haalt de Sicherheits Dienst hem op en gooit hem in de martelkelder van hun hoofdkwartier aan de Maliebaan in Utrecht. De Duitsers blijken goed geïnformeerd over het verzet, maar na verblijf in de gevangenis aan het Wolvenplein laten ze hem om onduidelijke redenen weer gaan.
Een nog heftiger gebeurtenis maakt hij mee op bevrijdingsdag, 5 mei 1945. Hoewel de oorlog voorbij is, stuurt generaal Schwalbe vanuit Bilthoven soldaten af op de feestvierende mensen in Westbroek, teneinde orde op zaken te stellen. Twee Duitsers, drie burgers en zes verzetsmensen komen om, onder wie Mobachs vriend Minne Bouma.
Ook Mobach moet vrezen voor zijn leven. Als onderbevelhebber van het verzet wordt hij ter plekke ter dood veroordeeld en met anderen in een auto gezet om in Fort De Bilt gefusilleerd te worden. De auto rijdt zich echter vast in feestvierende Utrechters, die op straat op de Canadese bevrijders wachten. Mobach wordt naar het Wolvenplein gebracht en een dag later vrijgelaten.
Gelukkig is hij, aldus de minister, al eerder onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis en vier jaar geleden werd hij Lid in de Orde van Oranje Nassau. En nu dus het Mobilisatie Oorlogskruis, gebracht door de minister, maar wegens corona opgespeld door zijn dochter Janny.

 

Bron: AD

Altijd op de hoogte? Meld u aan voor de wekelijkse nieuwsbrief