Je huidskleur zegt nooit iets over je verblijfsstatus

Gepubliceerd op: 8-12-2021

Etnisch profileren Personencontrole en strafrechtelijke opsporingen zijn niet hetzelfde. De stapeling van bevoegdheden van de marechaussee leidt tot misverstanden, schrijft Carolus Grütters.
Mag de marechaussee onderscheid maken als huidskleur daarbij een rol speelt? Ja, zei de rechtbank Den Haag op 22 september; nee, riepen experts.
De kwestie was aan de rechtbank voorgelegd door twee mannen die het zat waren om telkens vanwege hun huidskleur uit de rij te worden gehaald voor controle. Een van de twee, Mpanzu Bamenga, maakt vrijdag op de Internationale Dag van de Mensenrechten, kans op de prijs MensenrechtenMens 2021, voor zijn activisme tegen etnisch profileren. De marechaussee heeft inmiddels aangekondigd „geen gebruik” meer te willen maken van etniciteit bij het opstellen van risicoprofielen, ondanks het groene licht van de rechtbank in Den Haag.
Toch is het belangrijk deze merkwaardige uitspraak van de rechtbank onder de loep te nemen, omdat het gebaseerd is op een wijdverbreid misverstand. Dat misverstand stak de kop op in het rondetafelgesprek over etnisch profileren in de Tweede Kamer, en werd ook in NRC breed uitgemeten in een reportage over grenscontroles. De suggestie werd namelijk gewekt dat het toezicht op vreemdelingen in de buurt van een binnengrens in wezen hetzelfde is als strafrechtelijke opsporing. Dat is onjuist. Het probleem is dat beide bevoegdheden wel in handen van dezelfde organisatie liggen: de Koninklijke Marechaussee.
De marechaussee heeft allereerst een politietaak in de bestrijding van grensoverschrijdende criminaliteit. Daarnaast heeft de marechaussee de taak om passagiers op luchthavens te controleren, zowel op uitgaande als inkomende vluchten. De grondslag voor de bevoegdheid om luchtpassagiers te controleren bij inkomende vluchten hangt af van de herkomst van de vlucht. Als het gaat om een vlucht die van buiten de EU (dat wil zegen, het Schengengebied) komt, dan zijn het grenscontroles: daarbij moet iedere passagier worden gecontroleerd. Als het echter om een vlucht gaat die van binnen de EU komt, dan mogen er juist geen grenscontroles worden uitgevoerd. Dat is een van de basisbeginselen van de EU: vrij verkeer van personen. De achterliggende gedachte is dat iedereen die van buiten de EU komt al aan de buitengrens is gecontroleerd. Daarna mag iedereen zich vrij bewegen. En dan maakt het dus niet uit waar je vandaan komt, waar je geboren bent of hoe je er uit ziet.
Incidentele grenscontrole
Ter bestrijding van illegaal verblijf ná grensoverschrijding mag de marechaussee wel binnenkomende ‘interne’ luchtpassagiers, dus passagiers die zich binnen de grenzen van de EU verplaatsen, op de luchthaven steekproefsgewijs controleren. Dat is de MTV-controle (‘Mobiel Toezicht Veiligheid’) die ter discussie staat. Die MTV-controle mag uitsluitend worden uitgevoerd om het wel of niet rechtmatig verblijf van de luchtpassagier vast te stellen. Omdat een dergelijke controle niet op een grenscontrole mag lijken waarbij iedereen wordt gecontroleerd, moet de controle incidenteel zijn. En dus mag deze niet op alle vluchten en slechts op een beperkt aantal passagiers worden toegepast. In de praktijk betekent dit echter dat vooral niet-witte luchtpassagiers worden gecontroleerd. Dat is discriminatie op grond van huidskleur en dat is verboden. Altijd. Huidskleur is immers geen indicatie voor de verblijfsstatus.
Het probleem is gelegen in de stapeling van bevoegdheden van de marechaussee. Die mag namelijk zowel strafrechtelijk opsporen als vreemdelingen controleren. Belangrijk verschil is dat er bij een staandehouding in strafrechtelijke context eerst sprake moet zijn van een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit. Bij een MTV-controle hoeft dat niet. Dat wil zeggen, je hoeft geen redelijk vermoeden van niet-rechtmatig verblijf te hebben om steekproefsgewijs een persoon bij een MTV-controle te mogen controleren. Het misbruiken van de ene bevoegdheid om feitelijk het andere te doen, is echter hetgeen de problematiek veroorzaakt.
Uiterlijke kenmerken
De rechtbank oordeelde: „Het kunnen vaststellen van de nationaliteit of geografische herkomst van een persoon is voor de doeltreffendheid van het MTV van zwaarwegend belang, omdat die bepalend kunnen zijn voor iemands verblijfsstatus hier te lande. Etnische uiterlijke kenmerken hóeven niet, maar kúnnen wel een objectieve aanwijzing zijn voor iemands herkomst of nationaliteit.”
Onjuist en irrelevant. Etnische kernmerken, lees huidskleur, zijn irrelevant voor de bepaling van iemands verblijfsstatus. In 2018 werden zo’n 1 miljard luchtpassagiers vervoerd, waarvan de helft binnen de EU. Die luchtpassagiers zijn EU-burgers of vreemdelingen van buiten de EU die in de EU werken, studeren of stagelopen, of toeristen. Al die mensen verblijven rechtmatig in de EU, maar de rechtbank meent de verblijfsstatus van die luchtpassagiers aan een uiterlijk kenmerk te kunnen aflezen.
Ongeveer een kwart van de bevolking van Nederland heeft volgens het CBS een migratie-achtergrond en de helft daarvan is in Nederland geboren. Als je twee generaties teruggaat, heeft bijna iedereen die in Nederland woont wel een grootouder die niet uit Nederland komt. De zogenoemde ‘objectieve aanwijzing’ voor iemands verblijfsstatus bestaat derhalve niet in de vorm van een uiterlijk kenmerk. De suggestie van de rechtbank dat dit wel bestaat, is onjuist, kwetsend en vooral discriminerend.
Is er een oplossing? Jawel. Specificeer in de wet dat MTV-controles van luchtpassagiers steekproefsgewijs moeten plaatsvinden. Alleen op die manier kan elke vorm van discriminatie op grond van huidskleur worden voorkomen.
(Carolus Grütters is als onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Migratierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen).


Bron: NRC

Altijd op de hoogte? Meld u aan voor de wekelijkse nieuwsbrief