Gepubliceerd op: 1-4-2023
Militair Marco ging op slopende missies: ’Ik verwijt Defensie niks, maar die bureaucraten wel’
GRONINGEN - Ook getrainde militairen als ’genezerik’ Marco Boerendonk (47) lopen tegen grenzen aan. Bloedige gebeurtenissen tijdens lange missies onder hoogspanning in Afghanistan en Irak nestelen zich in Boerendonks hoofd tot het overloopt. Hij knakt wanneer hij onterecht wordt gearresteerd voor vermeende oorlogsmisdaden. PTSS was hard op weg hem te slopen, maar na jaren breekt eindelijk de zon door.
Hij verwijt Defensie niks. Niet het bloed van gewonde militairen dat zijn gymschoenen doorweekte, als combat medic bij het 13e bataljon luchtmobiele brigade uit Assen. Niet de lichaamsdelen die hij bijeenzocht. Niet de constante vrees om op een bermbom te rijden. Niet de bloedvegen op zijn armen na het afvoeren van gewonden naar helikopters. Of de vele militaire ceremonies waarbij hij lijkkisten in de buik van transportvliegtuigen zag verdwijnen.
Marco Boerendonk (47) was per slot van rekening een trotse militair, bijna achttien jaar lang, met missies in Bosnië, Irak en Afghanistan. Een stoere medic die het leven redde van meerdere militairen: zoals een Amerikaan die in zijn hoofd was geschoten en een Nederlandse boordschutter die een zware bermbom ternauwernood overleefde.
Maar toen ex-korporaal Boerendonk in 2014 door een posttraumatische stressstoornis (PTSS) psychisch in de problemen raakte kwamen de ambtenaren, de Defensieburgers, de juristen, de rapporten, de keuringen, de brieven en het eindeloze gesteggel met Defensiebeambten over een financiële regeling. Want ’gewoon werken’, dat lukt sindsdien niet meer; hij kan geen enkele baas garanderen dat-ie op tijd aanwezig is op kantoor of in de keet.
Die „bureaucraten met hun rekenmachientjes” en hun ellenlange briefwisselingen. Ja, die verwijt hij álles.
Zijn medische dossier beschrijft de duikvlucht die hij maakte door de PTSS. Hij verloor vrijwel alles: relaties, contact met zijn kinderen, zijn gezonde verstand, eergevoel, zelfs het dak boven zijn hoofd. From hero to zero . Vijf lange jaren woonde hij in veteranenopvangcentra in Assen en Eelde.
Maar nu breekt de zon door.
Na jarenlang knokken krijgt hij compensatie
Het jarenlange knokken, samen met raadsman Ferre van de Nadort, tegen Haagse ambtenaren om financiële genoegdoening werpt eindelijk vruchten af: binnenkort krijgt hij compensatie voor de jaren dat hij geen betaald werk meer kan doen. Daarmee kan hij weer een huis betrekken, momenteel heeft hij slechts een briefadres bij zijn vriendin in Arnhem. Formeel is hij dakloos.
Gisteren was een stralende dag: in Bronbeek (Gelderland) kreeg oud-geneeskundig verzorger Boerendonk het Draaginsigne Gewonden opgespeld door zijn oud-commandant. Niet de minsten waren erbij: Marco Kroon, behangen met de hoge militaire Willems-Orde, die hij kreeg voor bijzonder moedig optreden bij vuurgevechten in Afghanistan. Ook tv-maker Beau van Erven Dorens was uitgenodigd, want Marco was een van de zeven getraumatiseerde oorlogsveteranen die deelnamen aan de vier jaar geleden uitgezonden RTL4-serie Beau en de Veteranen , waarin ze op reis door Noorse fjorden de strijd aangingen met hun posttraumatische stressstoornis.
Bijnaam is Bem: ’Bijna een meter’, vanwege z’n postuur
Marco Boerendonk treedt eind 1993 in dienst, aanvankelijk bij de marine. In april 1995 loopt hij voor het eerst over de appelplaats van de Luchtmobiele Brigade in Assen, als groentje tussen teruggekeerde ’Srebrenica-gangers’. Nog onwetend dat hij de komende jaren vijf buitenlandse missies zal beleven: Bosnië (1999), Irak (2004) en Afghanistan in 2006, 2007 en 2009-2010. Elke nieuwe missie zal heftiger worden dan de voorgaande. Bladerend door zijn privé-foto’s is zijn gedaanteverandering zichtbaar: van gladgeschoren joch tot bebaarde man met groeven in zijn gezicht.
Als chauffeur/boordschutter van een Patria-pantserwagen patrouilleert hij in 1999 zes maanden lang in centraal-Bosnië, in het kader van de Stabilization Force (SFOR). Een relatief rustige tijd. Ze keren terug in mei 2000, in de week van de vuurwerkramp in Enschede. Boerendonk voelt zich dan niet meer het groentje, hij is gegroeid in zijn rol en heeft echte kameraden om zich heen, die hem de bijnaam Bem geven: Bijna een meter , vanwege zijn kleine postuur.
Het zijn vier saaie jaren voor Bemmetje , voordat hij in 2004 wordt uitgezonden naar Irak. Zijn functie van wapenhersteller heeft hij verruild voor hulpdistributeur/fourier. En bij die functie hoort een geneeskundige opleiding: Combat Life Saver (CLS). In Irak zit hij bijna vijf maanden. Als wachtmeester Jeroen Severs sneuvelt in een hinderlaag staat Marco aan de poort als wachtloper. Hij wordt geregeld meegevraagd als collega’s de poort uitgaan en een boordschutter missen. „Ik kon goed omgaan met de hitte, deed van alles. Oefende veel met mijn medische uitrusting, met het afvoeren van gewonden, dat was een goede uitzending.”
In Uruzgan volgt de ene na de andere rampceremonie
Terug op de kazerne in Assen zien zijn officieren dat Marco’s ware passie ligt bij de medische verzorging. En dus wordt hij na een cursus Primary Life Support (PLS) geplaatst op een geneeskundige hulppost. Hij wordt genezerik , verantwoordelijk voor medische verzorging en de afvoer van gewonden.
Genezeriken zien ook toe op de veiligheid tijdens schietoefeningen. Wanneer hij op een middag op een schietbaan staat in het Duitse Bergen-Hohne vraagt de commandant: „Marco, zou je naar Afghanistan willen?” Vijf dagen later landt hij in Centraal-Azië.
De beveiliging van de Deployment Task Force (DTF) is Marco’s taak in 2006 in Irak. DTF herbergt de kwartiermakers van Kamp Holland, het Nederlandse deel van een gigantische militaire stad in Uruzgan. Het personeel en het materieel moeten worden beveiligd, ook buiten het kamp. Deze uitzending is voor de soldaten een stuk spannender; ze houden rekening met hinderlagen en bermbommen. „Met enige regelmaat was er een zogeheten rampceremonie; wanneer de kist met een overleden soldaat het vliegtuig naar huis ingedragen wordt, een Amerikaan of een Canadees. Om de paar dagen was er een mortier- of raketaanval, dan zat je weer een paar uur in de bunker.”
Bij de eerste Afghanistantour belandt Marco met een blindedarmontsteking zelf in het veldhospitaal. „Ik werd wakker tussen de zwaargewonde collega’s: been eraf, verbrand, schotwonden. Lig je dan met je lullige blindedarmontsteking, schaamde me kapot. Ik lag tegenover een Afghaanse tolk, die was helemaal verbrand. Die overleed twee nachten later.”
Slagaderlijke bloedingen stelpen, infusen aanleggen, schotwonden dichten
Terug in Assen – na een weekje verlof – zijn de jongens van de geneeskundige troepen alweer aan het oefenen voor de uitzending naar Afghanistan in 2007. Binnen anderhalf jaar is ook Marco weer terug in Afghanistan, ditmaal als genezerik bij de afvoertroepen. Het is het ruwe werk, hij gaat mee op missies buiten de poort. En als het eropaan komt: slagaderlijke bloedingen stelpen met tourniquets, infusen aanleggen, schotwonden dichten en het afvoeren van gewonden naar een helikopter of hulppost. „Ook voor Nederland was het een beladen uitzending, want er zijn heel veel jongens gesneuveld.”
In datzelfde jaar ontwikkelt hij PTSS-klachten, zo ziet zijn sergeant. De tekenen zijn er bij meer jongens: stiller, banger, luidruchtiger, slecht slapen, hypergeconcentreerd. „Maximaal geconcentreerd lukt een dag of twee, drie. Maar niet wekenlang. Dat put je uit, dan breek je gewoon. In 2007 was ik ook blij dat we weggingen.”
Tijdens die missie wordt een collega door scherven geraakt in zijn schouder, en gaat Marco ’s nachts te voet de bergen in om hem te helpen. De dienstdoende arts wil zijn bed niet uitkomen en Marco verzorgt de gewonde ’s nachts met morfine.
Bij operatie SpinGhar in de Baluchivallei redt Boerendonk het leven van een Amerikaan die in zijn hoofd is getroffen. Door zijn vinger in de uitschotopening te steken, te verbinden en zuurstof te geven, redt de man het. De vader van die Amerikaan bedankt Marco’s moeder nog elk jaar voor het levensreddende handelen van haar zoon.
In 2007 heeft hij de meeste medevacs – evacuaties van gewonde militairen – per helikopter op zijn naam staan. Een Amerikaanse flight attendant zegt bij het aanvoeren van de zoveelste gewonde: „ Hey, its you again!”
Bij de GGZ in Beilen – onder behandeling voor zijn PTSS – zou hij jaren later als volgt uitleggen hoe de spanning in zijn lijf kroop tijdens de uitzendingen: „Weet je. .. je stapt achterin je voertuig, haalt diep adem. En na een paar dagen, soms een week, adem je pas weer uit. Je staat continu in het rood, nooit een stukje groen erbij. En als dat maandenlang opbouwt – dan blijft de meter altijd in het rood staan. En blijf je altijd bang om op een bermbom te rijden, zelfs in Nederland.”
Bemmetje bergt een verminkte lichaam uit een verwrongen verkennerswagen
Op 3 november 2007 rijdt de eenheid van Ronald Groen uit Epe op een bermbom. Op Kamp Holland zouden ze net die dag zijn promotie tot korporaal der eerste klasse vieren. Groen (21) hoefde nog maar een maand te dienen op missie in Afghanistan. Marco rijdt pal achter hem als de explosie klinkt. Bemmetje moet de verminkte militair uit de verkennerswagen bergen via het bovenluik, want de deuren zijn allemaal verwrongen, en bovendien liggen overal handgranaten. Marco klimt op zijn schoot en zorgt dat het lichaam er kan worden uitgetakeld.
Boerendonk kende het slachtoffer niet erg goed. „Hij kwam van een andere eenheid, van die uit Havelte. Hij lag in de container naast mij, dus je komt elkaar ’s avonds wel tegen, en dan ineens zit je op zijn schoot en moet je hem uit de wagen halen. De ochtend voordat het gebeurde stonden we nog naast elkaar tanden te poetsen.”
Een gewonde sergeant en de gewonde boordschutter worden afgevoerd per helikopter. Onder begeleiding van de Quick Reaction Force rijdt het gehavende konvooi terug naar de basis, maar onderweg valt een Patria van een brug. Er vallen nog eens drie gewonden. Marco moet alle drie militairen ’planken’ ofwel stabiliseren voor vervoer, van wie twee op een deur, er is niks anders voor handen.
Twee weken later – Boerendonk heeft na het sneuvelen van Ronald Groen nog een zeer gespannen rit gehad bij de beveiliging van een brandstofkonvooi – loopt hij verdwaasd door de binnenstad van Dordrecht. Hij begrijpt niks van de gezellige kerstlichtjes, de kerstbomen en de stadsbezoekers die zich haasten voor kerstcadeautjes. Na kerst begint het gewone kazerneleven weer: spullen ophalen, onderhoud plegen, oefenen. Er wordt voor de manschappen wel iets gedaan ’in het kader van bezinning’, maar velen willen er niet meer over praten.
Met verkenners uit Havelte gaat Boerendonk op z’n derde missie in Afghanistan
Defensie regelt én betaalt een stage voor Marco, bij de ambulancezorg in het gebied van Dordrecht, Rotterdam, Gorinchem en Ridderkerk. Van september 2008 tot september 2009 rijdt hij „op de grote gele auto”, een heerlijk jaar waarbij hij weinig denkt aan Defensie. „Ik moest de dienst verlaten, want ik werd al wat ouder: 34 jaar. Na de stageperiode draait hij enkele oefeningen mee met geneeskundige troepen, als voorbereiding op een uitzending van eind 2009. Als er plots een combat medic kort voor de uitzending afvalt vraagt zijn sergeant-majoor onverwacht: „Marco, wil jij in zijn plaats. ..?”
Het wordt zijn derde Afghanistantour, als onderdeel van een verkenningspeloton uit Havelte. Met z’n drietjes in één voertuig, drie weken voor vertrek maken ze kennis met elkaar. De spanning is maximaal op die missie. De verkenners zijn lange perioden op pad met hun Fennek-voertuigen. „We hebben geen gewonden gehad in de eigen troepen, maar we gingen wel veel en ver weg. Normaal duurt een patrouille enkele uren, of een, twee dagen. Maar wij gingen een week of twee weken op pad. Ben ooit zelfs vier weken weggeweest. Toen we eens terugkeerden op de basis, herkenden ze ons helemaal niet meer. Dikke baard, en vies. Dat was heel spannend, heftig. Om ons heen gebeurden allerlei dingen met andere eenheden, maar wij ontsprongen toevallig de dans.”
Tijdens een rit ontploft achter hen een explosief dat was bedoeld voor de verkenners. Er vallen veel lokale gewonden en doden, ook onder de boefjes , zoals zij de talibanstrijders noemen. In 2010 gaat hij mee met de troepen van het Korps Commando, waarbij heel zwaar wordt gevochten. Marco behandelt vijf zwaargewonde Afghaanse regeringsmilitairen nadat ze op een bermbom rijden.
Tot zijn grote teleurstelling krijgt Boerendonk in december 2012 ’functioneel leeftijdsontslag’. Ondanks een topaanbeveling van zijn sergeant-majoor, die zijn drive en passie roemt („Ik ben ervan overtuigd dat je een uitstekend onderofficier zult worden en een aanwinst voor het regiment geneeskundige troepen”), wordt hij vanwege zijn leeftijd niet toegelaten tot de opleiding tot Algemeen Militair Verpleegkundige. „Ik zou 41, 42 jaar oud zijn als ik die 4-jarige opleiding had afgerond. Dan ben je te oud om als sergeant bij een infanterie-eenheid te lopen.”
Er schuift een duistere wolk voor de zon.
„Dan val je in een gat”, zegt Boerendonk. Alles wat hem definieerde, is hij niet meer. „Ik miste mijn maten, vrienden, collega’s. Hier op straat probeert iedereen je portemonnee te stelen.” In de WW probeert hij als ambulancechauffeur aan de bak te komen in Friesland, Groningen en Drenthe. „Ik heb zelfs brieven geschreven dat ik de feestdagen wel wilde werken, onbetaald, zodat de chauffeurs ook eens vrij hadden.”
Plassen over lijken en voetballen met hun hoofden
Zijn moeite is tevergeefs. Want hij knakt op het moment dat een aanhoudingseenheid van de marechaussee hem op 26 maart 2013 om half zeven ’s ochtends van zijn bed licht bij zijn vriendin in Jubbega. Het huis is omsingeld met meerdere voertuigen. Hij wordt beschuldigd van oorlogsmisdaden in Afghanistan.
Samen met anderen zou Marco Boerendonk over lijken hebben geplast en met de hoofden hebben gevoetbald. De beschuldigde is verbijsterd: híj, oorlogsmisdaden?!
„Ik werd twee dagen lang verhoord, van ’s ochtends 8 tot ’s middags 4 uur. Dat was heftig. Ik had buiten de verhoren alle tijd om na te denken: What the *** doe ik hier? Verdacht van iets vreselijks, ineens een zero. Ik stond op een voetstuk als genezerik, als medic, je hebt mensen het leven gered, en dan word je ervan verdacht over mensen te hebben geplast.”
Er zouden foto’s circuleren. Maar Boerendonk kreeg die niet te zien tijdens verhoren. „Die foto’s waren waarschijnlijk van omgekomen Afghanen, en die beelden gingen rond op usb-sticks op de kazerne. Iedereen had die foto’s.” Dan wordt hij plots vrijgelaten.
Ineens pats boem! een volledig posttraumatisch stresssyndroom
Een paar weken later krijgt hij extreme rugpijn. Een arts geeft hem pijnstilling en spierverslappers. „En ineens pats boem! was ik helemaal down.” Full blown PTSS – een volledig ontwikkeld posttraumatisch stresssyndroom.
Hij heeft allerlei klachten: achtervolgingswanen, controledwang, boosheid, sociale isolatie, slaapproblemen, heftige dromen, herbelevingen. Hij staat eigenlijk permanent in overlevingsmodus, reageert primair vanuit zijn militaire skills ’n drills . Dat put hem uit. Tegen de simpelste dingen ziet hij op. Bij elke knal is hij terug in het uitzendingsgebied, snel boos, en mensenmassa’s verdraagt hij niet. Relaties bezwijken onder zijn korte lontje en hij verliest het contact met zijn kinderen. Marco Boerendonk is nog maar een fractie van de zorgzame vader en collega die hij was.
Hij reageert woedend als hij politie of marechaussee ziet. In Heerenveen flipt hij bij een opstootje met agenten. Twee agenten kunnen het kereltje niet in bedwang houden, tot dat „een derde politieman mij vol in mijn gezicht sloeg, het licht uitging en ik wakker werd op de achterbank van een politieauto.”
Op 6 december 2013 krijgt hij een brief van het Openbaar Ministerie: de zaak tegen hem is geseponeerd. Wegens gebrek aan bewijs. Geen excuses, niks. Voor de oud-militair is het dan te laat. Hij is compleet van de wereld en leidt een zwervend bestaan.
De achtervolgingswanen dwingen hem ’tactisch te rijden’ naar zijn ouders in Rotterdam. „Daarover deed ik 4,5 uur vanuit Friesland. Binnendoor, van benzinepomp naar benzinepomp, en ik zag overal mensen die mij iets wilden aandoen.” Volkomen uitgeput komt hij aan.
Ook volgen heftige ruzies met zijn ex. Hij raakt zo van de wereld, dat hij naar de nachtopvang van de ggz in Assen wordt gebracht.
Drie jaar woont hij in een caravan in de tuin van de veteranenopvang in Assen
In 2016 wordt hij veroordeeld wegens huiselijk geweld. Na enige tijd krijgt hij een plekje in een veteranenopvang in Assen, een vrijstaand huis met veel groen eromheen. In de boomgaard staat een caravannetje. Dat is drie jaar lang zijn huis. Hij leeft als een kluizenaar, met uilen, kippen, konijnen en twee honden. Een hondje krijgt hij van Marco Kroon, het dier moet worden getraind voor het opsporen van bermbommen. Boerendonk mag de pup de eerste maanden socialiseren.
Binnenkomen in het opvanghuis, waar zo’n tien andere veteranen wonen, doet Marco liever niet. „Soms lag ik de hele dag in mijn caravan televisie te kijken. Boodschappen doen, hond uitlaten, buiten koken. Soms durfde ik het huis niet eens in om mijn behoefte te doen, want dan moest ik eerst door de volle woonkamer. Dan deed ik het buiten of in een zakje.” Douchen doet hij het liefst heel vroeg, zodat niemand hem ziet. En soms wekenlang niet, dan kan hij het gewoon niet opbrengen.
Na drie jaar moet hij de caravan verlaten; de opvang is failliet. Hij krijgt twee maanden lang een recreatiebungalow ergens tussen Assen en Beilen. Daar begint hij op te krabbelen, mede door traumabehandelingen bij de ggz.
Boerendonk krijgt contact met Beau van Erven Dorens, die samen met het bedrijf Special Forces in Business een tv-programma maakt over veteranen die getekend zijn door uitzendingen naar Kosovo, Libanon, Afghanistan, Bosnië, Irak en Cambodja. Als deelnemer wordt hij tijdelijk een Bekende Nederlander. Tijdens een Veteranendag in Den Haag herkent het publiek hem zelfs. Nog altijd heeft Marco contact met het bedrijf. Als coach, ervaringsdeskundige en ’vuurmaker’ maakte hij inmiddels zeventien reizen naar Scandinavië, als onderdeel van het begeleidingsteam.
Nog twee jaar blijft hij in het veteranenhuis De Thuishaven in Eelde, een grote boerderij in de bossen naast de start- en landingsbanen van het vliegveld, waar beschadigde veteranen beschermd wonen. Op het terrein staat een klein onderkomen, waar Marco mag wennen aan het zelfstandig wonen en het re-integreren in de maatschappij. „Eigen douche, kookplaatje, toilet.” In deze tijd ontmoet hij zijn huidige vriendin Saskia uit Arnhem.
Daar verblijft hij nu. Officieel is hij dakloos, Saskia’s huis mag hij gebruiken als briefadres. „Een huis vinden is veel te moeilijk, ik reageer overal op, maar helaas.”
’Ik heb geen gaten in mijn lijf, maar ik was wel gewond’
De spanningen blijven. „De situatie nu – dat ik bij mijn vriendin woon – is eigenlijk te zwaar, beetje vergelijkbaar met de situatie van toen bij mijn ex-vriendin. Dat wil ik nooit meer meemaken.”
Het is de eerste keer dat hij tijdens het gesprek emotioneel wordt. Hij wrijft zich heel hard in zijn handen en zegt: „Ik kan in een gezinssituatie niet zomaar even weglopen als de spanning te hoog is, en dan pas na uren terugkomen. Maar als ik mijn eigen huisje heb, met een vuurtonnetje in de tuin, dan kan die spanning zomaar in een uurtje verdwenen zijn. Incidenten stapelen zich op tot de bom barst – dat wil ik niet meer. Dat is in het verleden een paar keer gebeurd. Dat wil ik achter me laten.”
Zijn dienstmaten – en ook Marco Kroon – drongen al jaren bij hem eropaan het Draaginsigne Gewonden aan te vragen. „Dan zei ik altijd: ik heb mijn handen nog, mijn voeten nog en heb geen gaten in mijn lijf. Ik ben niet gewond, da’s niks voor mij. Het besef dat ik wel degelijk gewond was, brak niet door want ik zat stijf onder de medicijnen, ik dacht er niet aan, was bezig met overleven.”
Pas wanneer hij zijn nieuwe vriendin Saskia ontmoet, die hem af en toe onderdak geeft, lukt het hem om samen met haar door de slepende procedure heen te komen. Defensie onderzoekt elke aanvraag kritisch voordat het insigne wordt toegekend, met elke betrokkene wordt gesproken. „Heel veel jongens lukt dat niet eens. Voor hen doe ik het.”
Binnenkort stort Defensie de financiële genoegdoening. Na jaren vechten tegen de bureaucratie kan de eindeloze stapel rapporten, brieven, (her)keuringen eindelijk in de vuurton. „De officieren in het veld neem ik niks kwalijk, wél de bureaucratische semi-militairen bij Defensie die achter hun bureautje zitten, met hun rekenmachientjes, die moeten beslissen wat ik wel of niet moet krijgen.”
„De jurist die mij al die tijd bijstond is een goede vriend geworden. Maar eerlijk: ik wil zijn nummer wissen uit mijn telefoon. En hem liefst nooit meer spreken. Al die shit moet uit mijn hoofd. Niet meer dakloos zijn. Ik wil nooit meer op mijn knieën bij de gemeente of ik alsjeblieft een briefadres mag hebben. Ik wil rust in mijn kop.”
Bron: De Telegraaf
Als SMC'er ontvangt u zes keer per jaar het rijk geïllustreerde tijdschrift Marechaussee Contact.
Meld u meteen aan om mee te doen!
Politie en marechaussee rukken uit naar azc in Baarn voor melding van steekincident
650 mensen geweigerd aan grens tijdens bijna twee jaar durende grenscontroles
Explosief materiaal Vliegbasis Eindhoven weggehaald
Nieuwe zoekhulp over de Koninklijke Marechaussee
Veel schade door botsing auto’s bij Voorthuizen; Apeldoornsestraat uur dicht
Twee mannen rennen over de snelweg na controle door Marechaussee: helikopter ingezet